Jan Breydelstraat


Deze straat werd voorheen in twee gedeeld door de Houtlei die ter hoogte van het voormalig Hotel De Coninck uitmondde in de Leie. De brug over de Houtlei droeg de naam Appelbrug naar de bekende, bij de brug gelegen herberg of "hostellerie de Gulden Appel" (15de eeuw) op de plaats van hotel De Coninck, het huidige museum voor Sierkunsten.

De Jan Breydelstraat loopt van de Burgstraat naar de Korenlei. Dit aangename straatje geflankeerd door diverse winkeltjes en restaurantjes kwam tot stand na demping van de Oude Houtlei in 1899 waardoor de Appel- of Minnebrug gelegen aan het huidige Appelparkje verdween. Het zuidelijke deel tussen het Appelbrugje en de Drabstraat was ook gekend als de Curteruchstraat, Curterughstrate, Curte Ruckstraete, Rinkstrate, Zeertzak of Appelbrugstraat. Volgens Geschiedkundige J.J. Steyaert werd ze ook Sirsac , Zerzaksteghe of in 1812 Zeurzaksteghe geheten.Het deel naar de Burgstraat toe heette de Breidelsteeg. Het was een verwijzing naar een breidel, een mondstuk voor paarden. Hier waren toen verschillende zadelmakers gevestigd. In de stadsrekening van 1823 is er voor de eerste maal Breydelsteghe (rue des selliers) te bespeuren.Doorheen de Jan Breydelstraat liep de Oude Houtlei die uitmondde in de Leie. Deze stadsgracht gegraven in 1165 maakte deel uit van de stadsvest omheen de St.-Michielsparochie. Het Appelbrugje verbond destijds de 2 delen Jan Breydelstraat. Op 2 februari 1869 besluit de gemeenteraad de stenen Appelbrug tussen de toen Zeurzaksteeg en de Breydelsteeg te vervangen door een draaibare ijzeren brug waardoor de brug een halve meter lager kan komen te liggen.

De naam “Appelbrug” is ontleend aan het 15-eeuwse “hostellerie de Gulden Appel”, later “Hotel De Coninck”en momenteel het museum voor Sierkunst. Langsheen de Leie ligt nu het Appelparkje.

De Jan Breydelstraat is vernoemd naar beenhouwer Jan Breydel, Brugs verzetsstrijder die samen met Pieter de Coninck een voorname rol speelde in het verzet tegen de Franse heerschappij met de Guldensporenslag van 1302 tot gevolg. Dankzij het boek “De Leeuw van Vlaanderen” (1838) van Hendrik Conscience worden beiden tot helden verheven daar waar de realiteit het enigszins anders laat vermoeden.