DE KEIZERPOORTBRUGGEN

 

De Keizerpoort werd aanvankelijk de St-Klarapoort genoemd, naar het nabijgelegen klooster der Rijke Klaren te Gentbrugge. De poort werd gebouwd in de 12de eeuw.

De benaming, Keizerpoort, komt waarschijnlijk van de naam van de eigenaar van de windmolen welke zich in de onmiddellijke nabijheid bevond. De benaming Brusselse poort komt voor het eerst voor in 1786 op het plan van Le Boulanger (zie verder).

De Keizerpoort werd volledig herbouwd in de 16de eeuw. Ze was voltooid in 1524.

Na herhaalde herstellingen in 1608, 1706, 1709 en 1735 wordt de poort afgebroken in 1781 tegelijk met nog andere poorten.

De afgebroken poort werd vervangen door een voorlopige afsluiting in hout. In 1806 werd een nieuwe poort gebouwd bestaande uit twee vier kantige stenen pilaren en een ijzeren hekken. Dit laatste werd weggenomen in 1860, na de afschaffing van de octrooirechten.

Het hekken plaatste men later aan de ingang van de Rijkstuinbouwschool te Melle , waar het nog steeds dienst doet, anno 1983.

De stadsgracht tussen de St-Lievenspoort en de Keizerpoort, de Keizersvest genaamd, die langs beide zijden in verbinding stond met de Schelde, en gegraven werd bij de uitbreiding der stad tussen 1378 en 1384, was niet bevaarbaar.

De schepen die dus de Schelde bevaarden moesten de ganse stad doorkruisen. In 1882 werd een ontwerp gemaakt en besproken om deze vaargeul te verbreden. De werken vingen aan in april 1883.

Er werd een nieuwe metalen vaste brug meer stroomopwaarts gebouwd, zodat deze in het verlengde kwam te liggen van de andere brug over de Franse Vaart , aan de kant van Ledeberg. De pilaren en de oude brug met de drie bogen werd gesloopt in 1884.

Dicht bij de Keizerpoort bestond ook een gebouw met een torentje. Deze constructie maakte deel uit van de versterkingen der stad Gent. Het werd gesloopt op het einde van 1886 omdat het in de weg stond voor de nieuwe Koning Willembrug.

Tijdens de oorlog 1940-1945 werd de brug tweemaal vernield : de eerste maal bij de terugtrekking der Belgische troepen, waarna men een noodbrug legde, een tweede maal bij de aftocht der Duitse legers, waarna men de noodbrug tijdelijk herstelde.

De aanbesteding van een nieuwe brug in gewapend beton gebeurde op 1 augustus 1952.

De werken vingen aan op 20 october 1952; Op 21 maart 1953 lezen we in "De Gentenaar" : "De helft van de Keizerbrug zal op 28 maart terug voor verkeer worden opengesteld” (er was gedurende enkele weken een omleiding voorzien langs de St-Lievensbrug of de Dampoort).

De officiële openstelling had plaats op 25 augustus 1953, doch reeds eerder, nl. op 18 juni 1953 was de brug in gebruik door het verkeer.

Beide bruggen, in elkaars verlengde, hebben een breedte van 16 meter waarvan 12 meter

voor de rijweg. De kostprijs beliep 6.727.913 fr. of ongeveer 108.800 fr. meer dan de voorziene prijs bij de aanbesteding.

De naam Keizerpoortbrug is de officiële benaming sinds 14-11-1950.

Het aangrenzende Keizerpark werd aangelegd in 1949-1950. ·

 

 

Kijk ook eens op https://www.collectie.gent/.  En https://beeldbank.stad.gent/index.php?option=com_memorix&mrx_mod=result&Itemid=29&mrx_offset=464 hebben een prachtige verzameling oude foto’s over Gent