Emile Braunplein

Dit plein kreeg in 1918 de naam van de toenmalige burgemeester baron Emile Braun. Het kwam tot stand na afbraak van verschillende rijenhuizen die Gent meer ruimte en architecturele zichtbaarheid moest schenken.
In de loop der jaren onderging deze plaats verschillende transformaties en verkreeg het velerlei bestemmingen zoals een parkje met parkeergelegenheid.
De “bron der geknielden”, een schitterend ontwerp in brons van kunstenaar Georges Minne (1866-1941) ter ere van baron Braun, staat sinds 2009 wederom in het parkje aan de Stadshal te bewonderen na een broodnodige renovatie. Gentenaars noemen het smalend “de pisserkes” of “de pietjesbak”, het kunstwerk misprijzend.
Ook “Klokke Roeland” of “de Groote Triomfante”, in 1660 opnieuw tot klok gegoten door Pieter Hemony van Zutphen voor de nieuwe beiaard van het Belfort, staat hier vlakbij de St.-Niklaaskerk te bewonderen. Ze was het symbool van de Gentse zelfstandigheid. Deze storm- of banklok was niet gewijd en stond bijgevolg niet ten dienste van de kerk.
In het Belfort hingen drie klokken die het openbare leven regelde.  Er hing een uurklok, een werkklok en een banklok, Klokke Roeland genaamd, die luidde bij gevaar of bij nood (brand, inval, …). “Als men se luidt, est storme int lant” staat ingegrift op de klok. Haar gewicht was meer dan 5 ton en er waren 16 man nodig om haar te doen luiden. Voor de inwoners van Gent heel waardevol.
In 1914 werd in “Klokke Roeland” een barst opgemerkt. Haar luiden kon niet meer. De dekenijen schonken in 1948 de stad een nieuwe luidklok en “Klokke Roeland” mocht zijn pensioen vieren met een nieuwe verblijfplaats op het Emiel Braunplein. De nieuwe klok in het Belfort werd vernoemd naar Mathilde, die de stad Gent in 1199 zijn eerste vrijheden schonk.
In 2012 verrees hier een nieuwe polyvalente stadshal, “de schaapstal” in de volksmond, met een wandelparkje. Een moderne constructie in 2 niveaus met cafétaria, fietsenstalling, sanitair en artiestenruimtes geeft dit stadsplein een onverwachte maar vernieuwende, passende look.
Het ontwerp is ontsproten uit verschillende inspiratiebronnen. Zo waren er de geschiedkundige handelsroute over het Braunplein die van Brugge naar Keulen liep, de overdekte markten, de dubbelgevel van het stadhuis en het middeleeuwse kerkschip.
Het dak van de stadshal is opgetrokken in afrormosia-hout. Omstreden want vermoedelijk afkomstig uit roofbouw op het Afrikaanse regenwoud. Een eerste keuze viel op padoek-hout dat echter niet meer in voorraad bleek te zijn door de grote vraag uit China.
Ook het aangrenzende Goudenleeuwplein en de Poeljemarkt worden door de heraanleg visueel opnieuw waarneembaar.

 

Foto's van de bouw van de stadshal