Coupure Links.

Oneven nummers

Enkele dominante complexen: het Blin­dengesticht Van Caneghem, de kliniek „Toevlucht van Maria" en de Rijks­landbouwschool.

Heeft hoekhuizen met Albert Bartsoenkaai
                                               Hospitaalstraat
                                               M. De Weertstraat
                                               Bijlokehof
                                               Roderoestraat
                                               Rozemarijnstraat
                                               Ekkergemstraat
                                               Pieter Colpaertsteeg
                                               Nieuwe Wandeling

De privé-architectuur is vertegenwoor­digd in twee types: de bepleisterde empire getinte of neoclassicistische lijst­gevels uit XIX en burgerhuizen in baksteenstijl uit de dertiger jaren.

 

 Keizerlijk Entrepot. Later het Blindenhuis. 

Aan het begin van de Coupure, vlak bij de Leie, werd tussen 1778 en 1780 een 150 m lang stapelhuis gebouwd, het Keizerlijk entrepot. Dit werd rond 1850 gedeeltelijk gesloopt en vervangen door het Blindenhuis en meerdere herenhuizen. 

Het Blindenhuis, Van Caneghemgesticht,  werd in opdracht van de Commissie Burgerlijke Godshuizen in 1852-1855  gebouwd naar een ontwerp van architect Karel van Huffel op de gronden van het voormalige Entrepot aan de Coupure.

In 1855 konden er een 30-tal blinde mannen hun intrek nemen. Ze werden verzorgd door de broeders van Liefde. Het gebouw deed tot 1913 dienst als tehuis voor blinden, waarna het bij het stedelijk hospitaal De Bijloke ingeschakeld werd als centrum voor de behandeling van o.a. chronische en tuberculosepatiënten.

Van 1940 tot het begin van de jaren zeventig kreeg het Blindenhuis verschillende bestemmingen. Vandaag is er een architecten- en studiebureau in gevestigd. De voormalige tuin is een appartementencomplex.

 

Refuge of Toevlucht van Maria

Beschrijving

Het ziekenhuis Refuge of Toevlucht van Maria werd gesticht in 1874 door de cistercieënzerinnen van de Bijloke. De ziekenhuiskapel werd ontworpen in neogotische stijl door broeder Marès-Joseph, de glasramen werden gerealiseerd in het atelier van Arthur Verhaegen en het volledige meubilair is van de hand van Mathias Zens.

Het ziekenhuis, zogenaamd ‘Refuge’ of ‘Toevlucht van Maria’ werd gesticht door de zusters cisterciënzerinnen van de Bijloke uit vrees dat zij het Bijlokeziekenhuis moesten verlaten na de overdracht aan de Commissie van Burgerlijke Godshuizen in 1860. Zij kochten in 1871 hiervoor de fabriek Van Caneghem en Cie aan de Coupure aan, waarvan tot voor kort nog gebouwen bewaard waren aan Bijlokevest. In 1874 kwamen de eerste zusters aan. Het huidige complex (klooster, kapel en voormalig ziekenhuis, thans rusthuis voor bejaarden) is het resultaat van verschillende bouwcampagnes en uitbreidingen in neogotische stijl (kapel, 1875), eclectische baksteenarchitectuur (klooster zijde Coupure, 1894, 1908) en modern-functionele stijl (nieuwe rusthuisvleugel aan Bijlokevest, jaren 1990).

Meer info  en foto's bij "Bijzondere gebouwen

Salon Napoleon

Café vanouds genaamd „Salon Napoléon ", vergaderlokaal van de oudstrijders van Napoléon van 1845 tot 1874.

 

Herbert Foundation

De tentoonstellingsruimte van Herbert Foundation is gelegen aan het Gentse kanaal De Coupure. Door de aanleg van de waterloop ontwikkelde zich op deze plek aan het einde van de 18de eeuw een industriezone met metaal-, constructie- en textielbedrijven. De gebouwen waarin de Foundation is ondergebracht, behoorden toe aan het ‘Atelier Van den Kerchove’, een bedrijf dat in 1825 werd opgericht en zich specialiseerde in de bouw van ‘Corliss’ stoommachines. De atelierruimtes, waartoe nu de Stichting behoort, zijn gebouwd in rode baksteen en dateren van het einde van de 19de eeuw.

In 2011 werd aangevangen met de renovatie van de loods en met de ontwikkeling van een 2000 m2 grote tentoonstellingsruimte, uitgestrekt over twee verdiepingen. Aan de bestaande architectuur is bewust zo weinig mogelijk gewijzigd om zo de oorspronkelijke neutraliteit van het gebouw te bewaren.

Boerenkot.

Op de grondvesten van de vroegere gevangenis het Rasphuis (1775-1935), verrijst tussen 1937 en 1940 het gebouwencomplex van de Rijkslandbouwhogeschool - later de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen van de Universiteit Gent. Het grote U-vormige gebouw in gele baksteen is een ontwerp van August Poppe en Georges Collin. Verschillende uitsprongen verlevendigen het sterk horizontaal gelede gebouw. Overal duikt het getal drie op: drie vleugels, drie verdiepingen, drie uitsprongen per gevelzijde, zelfs de raampartijen zijn deelbaar door drie.

Uitgebreide fotoreportage bij "Bijzondere gebouwen" .... Boetrenkot

 

Het Rasphuis.

Het Rasphuis, of provinciale gevangenis, werd in 1773 te Gent gebouwd op de Coupure Links, met toestemming van keizerin Maria Theresia, maar hoofdzakelijk door toedoen van hoogbaljuw graaf Vilain XlIII, die naar een globale menswaardige oplossing zocht voor het probleem van de werkloosheid, het pauperisme, de landloperij die in de achttiende eeuw in Vlaanderen tot ongekende hoogte aanzwol, en de misdadigheid. Hij voorzag ook dat de gevangenen er een beroep konden leren.

In 1935 werd het Rasphuis gesloten en afgebroken. In 1937 liet de universiteit er de Faculteit Landbouwwetenschappen bouwen. Een maquette van het Rasphuis bevindt zich in het Museum Dr. Guislain. Er bestaat in Gent ook een Rasphuisstraat van de Hoogstraat naar de Coupure Rechts.

Uitgebreide reportage en foto's bij "Bijzondere gebouwen" .... Rasphuis

 Van den Kerchove

Een groot deel van het binnenblok tussen Coupure Links, Raas van Gavere-, Heilig-Bloed- en Ekkergemstraat werd vanaf midden 19de eeuw langzamerhand ingenomen door het constructiebedrijf Van den Kerchove. In 1835 baatte E. Van den Kerchove nog een mecaniekmakerij uit in Twaalfkameren, doch voor 1839 had deze zijn bedrijf naar de Coupure overgebracht, waar hij bescheiden met een stoommachine startte. Vanaf het derde kwart van de 19de eeuw wist de firma zich op te werken tot één der spitsbedrijven op het vlak der stoommachinebouw, onder meer dankzij de licentie op de Corliss-stoomverdeling. In 1875-76 bouwde Van den Kerchove de krachtigste Corliss-stoommachine ter wereld (2000 pk) voor de Gentse N.V. La Lys. Vanaf de 20ste eeuw was het bedrijf vooral bekend voor zijn kleinere Compoundmachines (de zogenaamde Semi-tandemstoommachines). In 1934 gebeurde een fusie met de firma Carels-S.E.M. (Dok Noord, zie aldaar). Thans opgesplitst in verschillende eigendommen en reeds gedeeltelijk gesloopt.