Citadelpark               In opbouw

Het verder uitbouwen van de verdedigingsgordel rond  Gent leidde in 1671 tot de bouw van het Fort Van Monterey ter hoogte van de Kortrijkse Poort. Dit fort lag wel degelijk ter hoogte van het huidige Citadelpark. Dit grotere fort werd gebouwd omdat men onmogelijk ter hoogte van de hoger gelegen Heuverpoort de stad kon verdedigen met een watergracht. De bouw van dit Montereyfort begon in 1671 en was afgewerkt in 1694.

Rond 1800 werd het Montereyfort afgebroken

 

In 1819 werd opdracht gegeven tot de bouw van een nieuw fort ter verdediging tegen de Fransen. De bouw werd aangevat in 1823. De bouw kende wel enkele vertragingen daar men steeds struikelde op de oude vestigingsmuren van het eerdere Montereyfort. En in 1830 vallen  de werken opnieuw stil omwille van de Belgische revolutie (onafhankelijkheidsverklaring ten opzichte van de Hollanders).

De Citadel is op dat moment voor het grootste gedeelte afgewerkt maar toch ontbraken nog wel een aantal loopbruggen en verstevigingen. Ook alle kanonnen stonden op dit moment nog te wachten in het oude Spanjaardenkasteel op verplaatsing naar het Citadel. Het fort had op dat moment reeds 7miljoen gulden gekost. 

Het Belgisch leger betrekt vanaf dan voor 12 jaar de nieuwe (nog niet volledig afgewerkte) Citadel van Gent

Vanaf 1867, dus na de afschaffen van de octrooiheffingen (inkomrechten op al de verbruikswaren die in de stad werden ingevoerd), begon het Gentse stadsbestuur aan te dringen op de afschaffing van de militaire vesting. De stad was op zoek naar nieuwe bouwgronden buiten de oude stadswallen. Gent kon uiteindelijk het hele terrein aankopen voor 1 miljoen frank. 

Het Citadelpark werd aangelegd in 1875 op de plaats waar eerder de Hollandse citadel van Gent stond, gebouwd tussen 1819 en 1831. De gronden werden in 1870-1871 aangekocht door de toenmalige burgemeester Charles de Kerchove de Denterghem. 

Het ganse fort omvatte op dat moment een terrein van 43 hectaren en had een buitenomtrek langs de buitenwallen van 2.5 km. De omtrek van het binnenplein bedroeg maar liefst 800 meter.
Het ganse fort omvatte op dat moment een terrein van 43 hectaren en had een buitenomtrek langs de buitenwal van 2.5 km. De omtrek van het binnenplein bedroeg maar liefst 800 meter. 

Om de omwalling van het Citadelfort af te breken werden genietroepen ingezet. Onder leiding van luitenant Gellens werden 23 mannen ingezet voor het slopen van 11 gewelven van 8 meter hoog en 6,5 meter breed.

 

 Ingangspoort van de Citadel

De monumentale ingangspoort van de Citadel is het meest opvallende overblijfsel van de citadel uit de Hollandse tijd. De poort kon in 1913 slechts op het nippertje van afbraak gered worden. In 1968 en 1998 werd ze gerestaureerd. Ze bevindt zich juist voor de recent afgebroken Hal 6 naast het sportpaleis, beter gekend als Het Kuipke.

Op 15 juli 1902 stelde V. De Muynck in de rubriek "Militaire Bouwwerken - Citadelpark- XIXe eeuw (1826)" in het Frans een fiche op over De Monumentale Poort van de Citadel

“Weldra zullen de laatste overblijfselen van de Citadel van Gent, gebouwd van 1822 tot 1830 door de Hollanders volgens de plans van Majoor Gey van Pittius, verdwijnen.

De Citadel is het belangrijkste fort dat ooit in Gent gebouwd werd en ten tijde van zijn oprichting werd het beschouwd als een meesterwerk van de militaire kunst. Er waren kazematten en gebouwen, bestand tegen bommen, voor 10.000 man. Deze citadel maakte deel uit van het militair verdedigingssysteem dat na 1815 gedecreteerd werd door de Staten die de Heilige Alliantie vormden. De Hertog van Wellington, Prins van Waterloo, keurde de plannen goed en de werken werden aangevat op 27 mei 1822. Op 1 october 1830 was de Belgische driekleur op het Belfort gehesen en een deel van het Hollands garnizoen, ongeveer 2.800 man sterk, onder bevel van Kolonel Destombes, trok zich terug in de nieuwe citadel die nog niet afgewerkt was en nog niet de minste oorlogsmunitie bevatte. Het Frans vrijwilligerskorps van de Pontécoulant kwam te Gent aan op 11 october 's avonds en de volgende dag werden er posten geplaatst rondom de citadel die, langs de kant van de stad, reeds omsingeld was door de Burgerwacht. De levensmiddelen begonnen te ontbreken, onderhandelingen werden aangeknoopt en het Hollands deel van het garnizoen verliet de citadel in de nacht van 18 op 19 october met de militaire eer en het vaandel dragend van de "17e afdeeling". Het kwam aan in Antwerpen op 22 october. In 1870 werd de Citadel gedeklasseerd en door een overeenkomst met de Staat werd de Stad eigenaar van al de terreinen die er van afhingen, mits betaling van de som van 1 miljoen frank. Het geheel had een oppervlakte van 43 hectaren. De taluds werden omgevormd tot park en binnenkort gaat men de centrale schans afbreken. Er zal van dit belangrijk militair bouwwerk slechts de hier afgebeelde ingangspoort overblijven. Deze poort heeft veel karakter. Ze wordt geëncadreerd door 2 pilasters van de Dorische Orde. Over heel de breedte van het gebouw is er een goed geproportioneerde kroonlijst, bekroond door een fronton met een gesculpteerd tympaan dat de Belgische Leeuw voorstelt, omringd door militaire attributen. Aanvankelijk was er de Nederlandse Leeuw. Onder het tympaan staat er in vergulde letters de volgende inscriptie: NEMO ME IMPUNE LACESSET (niemand zal mij ongestraft aanvallen). Dit trots devies, dat ook dat is van de Ridderorde van St-Andries, wordt gevolgd door de woorden: ANNO XI POST PR<ELIUM AD WATERLOO EXSTRUCTA (opgericht het 11 e jaar na de Slag van Waterloo). Het Stadsbestuur is van plan deze poort die herinnert aan een historisch tijdperk ter plaatse te bewaren. Ze zal een sieraad vormen voor het park en zal voor de komende generaties dienen als referentiepunt voor de exacte plaats die ingenomen werd door de Citadel. “

Het Park

De beslissing om van de citadel een park te maken werd genomen op aandringen van burgemeester Charles de Kerchove. Dit gebeurde met tussenpozen van 1871 tot 1911. De plannen voor de aanleg van het Citadelpark waren van de hand van Hubert Van Hulle, inspecteur openbare beplantingen. J. Hofman zorgde voor de verdere parkaanleg in de stijl van de Engelse tuinen.

 3 juni 1871: De gemeenteraad keurt het urbanisatie-plan van het citadelkwartier goed. De totale oppervlakte (43 ha. 80 a. 38 ca.) wordt als volgt verdeeld: wegen: 14,19 ha., tuinen 5,2175 ha., militaire gebouwen: 4,5216 ha. en te verkopen gronden: 19 ha. 87 a. 47 ca. Op het ontwerp ziet men de aanleg van de huidige Karel de Kerchovelaan; verder bemerkt men de dierentuin, de Oude Schelde (links en rechts van de spoorweg). Men ziet ook reeds de inplanting van het Waterkasteel op de Kattenberg, werk dat echter pas in 1879 zal aanvangen. Dit eerste urbanisatie-plan zal verschillende malen worden gewijzigd. Het terrein tussen de Sint-Lievenslaan, de spoorweg, de Benardstraat en de Schelde zal pas in het begin van de 20° eeuw worden geurbaniseerd. De Terplatenbrug zal in 1882 worden gebouwd.

 

Het park werd heraangelegd in 1913 en er kwamen gebouwen om de wereldtentoonstelling van 1913 te huisvesten. In 1930 veranderde het uitzicht van het park opnieuw, nu in het kader van het eeuwfeest van Belgiës onafhankelijkheid. Sinds 1984 is het park een beschermd landschap. 

Bij de aanleg van het park werd gebruikgemaakt van de bestaande natuurlijke hellingen en relicten van de vroegere citadel. Hier en daar zijn er nog delen van de met veel moeite afgebroken kazematten terug te vinden. 780 bomen, waaronder een aantal zeldzame exemplaren, zijn een bijkomende attractie

 

De Vijvers in het park

De aanleg van de grote vijver was mede mogelijk doordat de stad eigenaar was geworden van de waterdistributie waardoor de toevoer verzekerd was. Daar de hoger gelegen zandige ondergrond het water niet op peil kon houden, werd de bodem van de vijver met klei bezet.Dat zorgt nu voor problemen.

 

In 2012 werd een acuut probleem vastgesteld: door scheuren in de randen en de bodem lekt er continu water weg uit de Grote Vijver. Om het waterpeil op niveau te houden werd voortdurend grondwater opgepompt en in de vijver gestort. Daarom werd de vijver midden april 2013 leeggepompt. De karpers verhuisden naar de Schelde, de eenden en ganzen moesten enige maanden naar de kleine vijver verhuizen.

De Grote Vijver krijgt een nieuwe betonlaag en een waterdichte folie op de bodem, een klus met een kostprijs van 273.000 euro.

 

 De Chalets en dierenasiel

De vijver werd omgeven door een romantische promenade die o.a. leidde naar een wachthuis in de zogenaamde “chalet”-stijl dat oorspronkelijk dienst deed als bureau voor de inspecteur van plantsoenen en in 1921 een Dierenasiel werd.

 

Gouden leeuw

We zien tussen de struiken langs de vijver op een vooruitspringende heuvel een stenen leeuw staan pronken naast het wapenschild van Gent. Deze stond oorspronkelijk vanaf 1722 bovenop het hoogste punt van het Pakhuis, een gebouw op de Korenmarkt dat in 1897 werd gesloopt met de bedoeling er een stadsschouwburg op te trekken doch waar uiteindelijk het Postgebouw klaar kwam in 1903.

Deze Grote Leeuw kreeg sedert 1898 een nieuwe kans in het park. Het beeld is 1,76 m hoog en 2,62 m breed, bestaat uit drie blokken witte steen en werd gehouwen door Jacobus van der Cruycen. Eind 1974 werd het verguld

 

Omdat het zo mooi is